Sous Les Pavés . . .


Voormiddag: espresso en een glas koud Alpenwater (5 CHF)

Something to warm you up at that time of year, in our nation's history, when yellow leaves, or none, or few, do hang upon those bows that shake against the cold. It's a special reachout to all of you [....] who probably feel that they'll never wake up in a good mood again. I'm not here to put you in a good mood [....], but to do what we always do [....]: to practice the persecuted religion of thinking - to think in the midst of the wasteland, to make sure the wasteland doesn't grow within. The wasteland keeps growing without, and sometimes there is nothing we can do about that. Our job is to make sure the wasteland doesn't grow within.[1]







"Modernity is all about disillusionment. It is a period of dawn, of a long protected darkness. We all live in a kind of mist. And thus we cannot have very wide ranging views, you know, because we live in the middle of this dust of deconstruction of metaphysical traditions. [....] For Nietzsche's time, this sound [of dynamite] sounded very Helvetic. Because Switzerland was the country where the first heroic efforts were made to penetrate mountains and to create tunnels and to create a new, ... new ways to get to the South. That is the metaphysical question for all these Northern peoples, ... essential question: how can we win back an easier access to the Mediterranean Truth? And these tunnels in Switzerland, ya..., as it were fulfilled an important role in the history of modern culture, because they offered the connection."[2]









"Wij Europeanen zien uit op een ontzaglijke wereld van puinhopen, waar hier en daar nog iets hoog optorent, waar veel er bouwvallig en onheilspellend bij staat, maar het meeste al op de grond ligt, schilderachtig genoeg - waar zag men ooit fraaiere ruïnes? - en overwoekerd door groot en klein onkruid. De kerk is deze stad van de ondergang: wij zien de religieuze samenleving van het christendom tot in haar diepste grondvesten ontwricht, - het geloof in God ingestort, het geloof in het christelijk-ascetisch ideaal strijdt nog net zijn laatste strijd. Zo'n duurzaam en degelijk gebouwd werk als het christendom - het was het laatste bouwwerk vande Romeinen! - kon weliswaar niet in één klap vernietigd worden; allerlei aardbeving heeft daarvoor moeten schudden, allerlei geest, die aanboort, graaft, knaagt, bevochtigt, heeft daarbij moeten helpen. Maar wat het wonderlijkste is: zij die zich de meeste moeite gegeven hebben om het christendom te houden, te behouden, zijn juist de beste slopers geweest, - de Duitsers. Het schijnt dat de Duitsers niets snappen van het wezen van een kerk. Hebben zij daarvoor niet genoeg geest? Niet genoeg wantrouwen? Het bouwwerk van een kerk rust in elk geval op een zuidelijke vrijheid en vrijzinnigheid van de geest en eveneens op een zuidelijke verdenking tegen natuur, mens en geest, - het berust op een geheel andere kennis van de mens, ervaring met de mens, als het Noorden gehad heeft."[3]

"'Ieder zijn eigen priester' - achter zulke formules en hun boerse geslepenheid verborg zich bij Luther de afgrondelijke haat tegen de 'hogere mens' en de heerschappij van de 'hogere mens', zoals de kerk die geconcipieerd had: - hij vernielde een ideaal dat hij onmachtig was te bereiken, terwijl hij de ontaarding van dit ideaal scheen te bestrijden en te verafschuwen. Inderdaad verwierp hij, de onmogelijke monnik, de heerschappij van de homines religiosi; hij deed dus zelf precies datgene binnen de kerkelijke maatschappelijke orde wat hij met betrekking tot de burgerlijke orde zo onverdraagzaam bestreed, - een 'boerenopstand'. - Wat er achteraf allemaal uit zijn reformatie is voortgekomen, goed en slecht, en heden ten dage zo ongeveer becijferd kan worden, - wie zou naïef genoeg zijn om Luther vanwege deze gevolgen eenvoudig te loven of te laken? Hij is overal onschuldig aan, hij wist niet wat hij deed. De vervlakking van de Europese geest, vooral in het Noorden, zijn vergoedmoediging, als men het liever met een moralistisch woord betiteld hoort, zette met Luthers reformatie een geduchte stap voorwaarts, dat lijdt geen twijfel; en ook groeide door haar de beweeglijkheid en rusteloosheid van de zijn dorst naar onafhankelijkheid, zijn geloof in het recht op vrijheid, zijn 'natuurlijkheid'. Wil men haar in dit laatste opzicht de waarde toekennen, voorbereid en begunstigd te hebben wat wij vandaag de dag als 'moderne wetenschap' vereren, dan moet men er wel aan toevoegen dat zij ook medeschuldig is aan de ontaarding van de moderne geleerde, aan zijn gebrek aan eerbied, schaamte en diepgang, aan de hele naïeve trouwhartigheid en keurigheid inzake de kennis, kortom aan het plebejisme van de geest, dat kenmerkend is voor de afgelopen twee eeuwen en waarvan ook het pessimisme ons tot dusver nog geenszins heeft verlost, - ook de 'moderne ideeën' behoren nog tot deze boerenopstand van het Noorden tegen de koelere, ambivalentere, wantrouwiger geest van het Zuiden, die in de christelijke kerk het grootste monument voor zichzelf heeft opgericht. Laten we ten slotte niet vergeten wat een kerk is, en wel in tegenstelling tot elke 'staat': een kerk is in de eerste plaats een hiërarchische structuur die de mensen met de meeste geest de hoogste rang garandeert en voldoende vertrouwt op de macht van het geestelijke om van alle grovere geweldmiddelen af te zien, - daardoor alleen al is de kerk onder alle omstandigheden een voornamere institutie dan de staat."[4]





"It was still high, still afternoon; the mountains stood serene and drab against it; the city, the land, lay sprawled and myriad beneath it - the land, the earth which spawned a thousand new faiths, nostrums and cures each year but no disease to even disprove them on - beneath the golden days unmarred by rain or weather, the changeless monotonous beautiful days without end, countless out of the halcyon past and endless into the halcyon future. "I will stay here and live forever," she said to herself.""[5]









Foro's genomen te Zürich, november 2025.





Voetnoten

  1. Robert Harrison, host, “I Am Not a Man, I Am Dynamite”: Peter Sloterdijk on Friedrich Nietzsche, gehost door Robert Harrison, Entitled Opinions, Stanford University, 14 december 2016, https://entitled-opinions.com/2016/12/14/i-am-not-a-man-i-am-dynamite-peter-sloterdijk-on-nietzsche/.
  2. Sloterdijk, “I Am Not a Man, I Am Dynamite”: Peter Sloterdijk on Friedrich Nietzsche.
  3. Friedrich Nietzsche, De vrolijke wetenschap, onder redactie van Hans Driessen, vertaald door Pé Hawinkels (Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, [1882] 2003): 228-229.
  4. Ibid, 230.
  5. William Faulkner, “Golden Land”, in Collected Stories of William Faulkner (New York: Random House, 1950): 725-726.




Pagina aangemaakt: 20 februari 2026
Laatste wijziging: 20 februari 2026